Home » Tips & trucs » Drift alignment met kruisdraadoculair

Drift alignment met kruisdraadoculair

NCP: North Celestial Pole of Noordelijke Hemel PoolDe telescoop moet perfect uitgelijnd zijn, parallel met de aardas, wijzend naar de noordelijke hemelpool (NCP)Wanneer u gewoon naar de maan, de planeten of de sterren kijkt hoeft een telescoop niet piekfijn uitgelijnd te zijn naar de Noordelijke hemelpool (NCP).
U poot de telescoop gewoon neer, richt de telescoopas naar de Poolster en geniet ten volle van de hemel.
Uw GoTo montering is voldoende uitgelijnd om naar elk hemelobject te gaan.
Maar… het is wel anders gesteld indien men Deepsky-foto’s wil nemen met heel lange belichtingstijden.
Dan is het wel noodzakelijk dat de equatoriale telescoopmontering, haarfijn werd uitgelijnd zodat sterren precies in het midden van het beeldveld blijven staan en niet wegglijden ten gevolge van de aardse rotatie.  Zelfs wanneer men  gebruik maakt van een volgcamera om de telescoop te ‘guiden’ is het belangrijk dat de telescoop correct werd uitgelijnd.  Zo krijgt de montering heel weinig (declinatie) correcties te verwerken, net wat we nodig hebben om haarscherpe beelden te schieten.  Een goede uitlijning van de rechteklimmingas is hier heel belangrijk anders zien de sterren op de digitale foto’s er nogal worstvormig uit. PolarscopeDat polair afregelen kan u weliswaar uitvoeren met een Polarscope (poolzoeker) maar heel precies is dit (nog) niet, tenzij u eerst de poolzoeker zelf perfect hebt uitgelijnd met de poolas van de montering.  Met de ‘Drift Alignment techniek’ daarentegen kan elke telescoopmontering heel accuraat worden afgeregeld maar deze techniek wordt bij velen een beetje beschouwd als ‘Zwarte kunst’.
Het werd dus hoog tijd om deze techniek te ontrafelen en hieraan een artikel te wijden zodat iedereen die magische zwarte kunst onder de knie krijgt.

Op mijn zoektocht naar wat meer uitleg over deze techniek kwam ik o.a. terecht bij Doug German, een toffe Englishman die hierover een prachtige uitleg schreef, een uitleg die hij op zijn beurt had gekregen van fotograaf Peter Kennett.  Dit artikel is met de goedkeuring van beide heren vertaald, herschreven en herwerkt.  Het bevat veel verklarende animaties die zij ter beschikking hebben gesteld voor ons.
Een prachtig staaltje van grensoverschrijdende internationale samenwerking dus Glimlach.

Ook nog een woordje van dank aan Geert Vandenbulcke (Oostduinkerke) voor zijn kritische toets en zijn technische knowhow bij het corrigeren van deze tekst.

PS: de animaties zijn gemaakt in Adobe ® Flash en dus niet zichtbaar op Apple of Chromebook. Enkel internet browsers, draaiend onder Windows kunnen hiermee overweg.

Op het eerste zicht lijkt die Drift Alignment techniek niet zo gemakkelijk maar met wat volharding wordt u die techniek zeker de baas.  Het resultaat van deze uitlijntechniek is spectaculair en uw astrofoto’s worden subliem!

Tot nog toe gebruikte ik ook zo’n Polarscope voor de uitlijning van mijn telescoopmontering maar daar was ik niet zo enthousiast over.  Wat ik tot nog toe had gelezen over Drift Alignment leek mij echter wat ver gezocht en vooral heel moeilijk verstaanbaar.
Dit veranderde toen tot ik de uitleg van Doug German onder ogen kreeg.  Met zijn eenvoudige en vooral briljante uitleg, vergezeld van duidelijke animaties en een handige simulator werd ik wegwijs gemaakt in de geheimen van deze zwarte kunst.  Drifting Alignment is werkelijk dé manier om uit te lijnen.  Het enige wat we extra nodig hebben is een verlicht kruisdraadoculair (wie zei ooit dat astronomie goedkoop was?).  Een dergelijke oculair kan u bijvoorbeeld aanschaffen bij Astromarket voor pakweg € 80,-.

De Drift Alignment methode

imageDe techniek is vrij simpel.  U monitort gedurende meerdere minuten een ster door een oculair en controleert intussen of die ster een hoogte (naar boven of naar beneden) of een azimutale (naar links of naar rechts) afwijking vertoont.  Hiervoor gebruik ik zo’n verlicht kruisdraadoculair samen met een 2x Barlow want hoe groter de vergroting, hoe nauwkeuriger de uitlijning.  Indien de telescoopmontering niet precies werd uitgelijnd, zal de ster zich bewegen in dat oculair en na enige tijd uit het beeldveld verdwijnen.  Wanneer dit gebeurt moet u de montering bijstellen met de azimutale en/of declinale stelschroeven en daarna opnieuw de drift van de ster controleren.

Er worden twee sterren gekozen om de drift te controleren.  Die twee sterren staan op twee specifieke locaties aan de hemel waardoor we de grootste fout in de uitlijning kunnen waarnemen voor enerzijds de declinatie (montering te hoog of te laag) en  anderzijds de rechte klimming (montering te links of te rechts).  In tegenstelling tot de algemeen gebruikte methode met een Polarscope, hoeft u zich bij deze methode niet aan te trekken waar de Poolster zich bevindt.  Geen gedoe dus met Polar-apps en uitzoeken op hoeveel graden of op welk uur de Poolster staat t.o.v. de noordelijke hemelpool (Northern Celestial Pole of NCP).

Stap 1: Zet de telescoopmontering waterpas :

U kan deze stap overslaan maar telkens wanneer u de montering in azimut of  altitude corrigeert, zal u merken dat de andere correctie beïnvloed wordt wanneer de montering niet goed waterpas staat.

Dus : zet de montering echt waterpas!  U zal er heel veel tijd en frustraties mee winnen.

  • Azimut = links of rechts horizontaal.
  • Altitude = omhoog of omlaag,.

Stap 2: Eenvoudig aligneren op de noordelijke hemelpool (NCP) :

Uitlijnen met de polarscopeMet de polarscope lijnt u de montering eerst uit naar de Noordelijke hemelpool (naast de Poolster).  Dat punt is beter gekend als de NCP, Northern Celestial Pole.  Toegegeven, hoe preciezer dit gebeurt, hoe minder werk u achteraf nog hebt met de fijnregeling via de Drift techniek.
Hoe dit polair uitlijnen gebeurt weet u waarschijnlijk al.  Dit leggen we hier dus niet uit want dit staat mooi uitgelegd in de handleiding van uw telescoop.

Stap 3: Uitlijnen met het kruisdraad :

Klik hierboven op het pijltje om te zien wat bedoeld wordt Bij elke volgende stap moet uw verlicht kruisdraadoculair heel correct zijn uitgelijnd met de oost-west beweging van de montering.
Wees gerust, dit klinkt een stuk ingewikkelder dan het is.
Zoek een heldere ster en bekijk deze in het kruisdraadoculair.  Soms moet de verlichting van de kruisdraden worden uitgezet om de ster te vinden want zelfs in de laagste helderheidstand geven die kruisdraden nog flink wat licht.  Hebt u een heldere ster gevonden, zet de verlichting dan weer aan.Wanneer u nu de telescoop met de handcontroller in RA (oost-west) beweegt, zal de ster in uw oculair oost- of westwaarts bewegen (*).
Draai uw kruisdraadoculair nu zodanig tot de gevonden ster parallel met de kruisdraden beweegt.
* De oost-west en noord-zuid richtingen in een oculair kunnen verwarrend zijn want een astronomische telescoop geeft een omgekeerd beeld.
Het wordt nog verwarrender wanneer een zenit prisma gebruikt wordt want die kan het beeld ook nog spiegelen.
Ook een Newton telescoop kan, door de stand van de focuser op de tubus, voor verwarring zorgen.
Nu is dus ook een goed moment om niet alleen te kijken hoe de ster beweegt wanneer u op de RA (oost-west) knopjes drukt maar ook hoe de ster beweegt in het oculair wanneer u op de DEC (noord-zuid) knopjes drukt.

  • Indien u op het RA-Oost knopje drukt, beweegt de ster naar het westen. Indien u op het RA-West knopje drukt, beweegt de ster naar het oosten. Die oost-west acties zijn altijd zo.
  • Indien u op het DEC-Noord knopje drukt, beweegt de ster naar het zuiden en indien u op het DEC-Zuid knopje drukt, beweegt de ster naar het noorden in het oculair.

LET OP: bij een Duitse equatoriale montering draait de actie van de DEC knoppen ook om naargelang de kijker aan de west of oost kant van de montering staat.  Bij sommige sturingen kan worden ingesteld dat die beweging weer klopt. Belangrijk is dat u zeker weet waar oost-west en noord-zuid zich in het oculair bevinden!

 

Stap 4 : Eerst gaan we de RA uitlijnen

De intersectie van de meridiaan en de hemelevenaarNu pas begint het eigenlijke drift-uitlijnen.
Zoek een goed zichtbare ster die zich zo dicht mogelijk bevindt bij de intersectie van de meridiaan en de hemelevenaar.
Dit punt is dus in het zuiden en voor mij (te Veurne) is dat op bijna 39° boven de horizon. (Mijn telescoop staat op 51°04’ N dus 90° – 51°04’ = 38°96’).
Een goede kandidaat hiervoor is bijvoorbeeld Mintaka in de winter.  Dit is de rechtse ster in de gordel van het sterrenbeeld Orion.

  • De meridiaan is de denkbeeldige lijn die, vanaf de noordelijke horizon, over uw hoofd en door het zenit, naar de zuidelijke horizon loopt.
  • De hemelevenaar is de 0° declinatielijn.  Deze denkbeeldige lijn loopt van oost naar west, op 90° van de hemelpolen.  Het is ook de denkbeeldige verlenging van onze aardse evenaar.  Moest u op de evenaar wonen dan zou die lijn zich dus precies boven uw hoofd bevinden.
Hebt u, in de omgeving van de kruising van beide denkbeeldige lijnen die ster gevonden, centreer deze dan in het verlichte kruisdraadoculair.  Roteer daarbij het kruisdraadoculair zodanig dat de ster mooi evenwijdig beweegt op de oost-west-lijn (zie stap 3).Volgen en controleren (10 minuutjes): denk eraan dat we bij deze stap, de poolas enkel en alleen in de azimut zullen afregelen.  De poolas kan iets te veel rechts (oost) van de pool wijzen of iets te veel links (west) van de pool wijzen.Van de hoogte trekken we ons voorlopig nog niets aan, dat is pas voor stap 5.

 

Sommige kruisdraad oculairen hebben enkele kruisdraadlijnen, andere dub kruisdraadlijnen zoals in de illustratie hierboven.  U kan ervoor kiezen om de ster mooi boven of onder langs of precies op het kruisdraad te laten bewegen, of tussen twee kruisdraadlijnen. Ook kan de ster wat onscherp worden gemaakt (uit focus) zodat ze wat groter lijkt en ze niet bedekt wordt door de kruisdraadlijnen.

De Synscan handcontrollerCentreer de gekozen ster in het midden van het kruisdraad.  Kijk hoe de ster beweegt gedurende verschillende minuten.  Belangrijk is dat u eventueel wat correcties maakt met de RA (of Oost-West) om de ster in het midden te houden maar druk niet op de DEC (of noord-zuid) knoppen want het is net die afwijking naar noord of zuid (drift) die we willen zien.  U zal misschien merken dat de ster wat heen en weer gaat in de RA (oost-west) richting.  Dit is te wijten aan de periodieke fout van uw montering, een fout die eigen is aan mechanische afwijkingen van het wormwiel waarmee uw montering wordt aangedreven

Belangrijk is dat u GEEN correcties in DEC (noord-zuid) maakt met de knoppen van de handbediening. We zijn nog steeds aan ‘t controleren in welke richting (noord of zuid) de ster in het oculair beweegt om te zien in welke richting de poolas bijgeregeld moet worden!

Nu pas is het tijd om eerst de fouten van de polaire uitlijning weg te werken in de azimutale (links-rechts) beweging.  Uw montering kan bijvoorbeeld te veel ten oosten of ten westen van de  noordelijke hemelpool (North Celestial Pole, NCP) gericht zijn.Indien de ster (op het knooppunt meridiaan/hemelevenaar) zich langzaam naar boven of naar onder (dus noord of zuid) beweegt in uw oculair, dan is er dus een fout in de azimutale uitlijning!Telescoop naar het zuiden gericht, declinatie wordt azimuthOp het eerste zicht lijkt dit heel onlogisch maar toch is het begrijpelijk.
Vergeet niet dat uw montering 90° gekanteld is wanneer ze naar het zuiden wijst.

Om die op-neer drift nu teniet te doen gaat u als volgt te werk (onderstaande beschrijving geldt enkel voor refractors, Maksutov, Schmidt-Cassegrain, Ritchey-Chretien, enz. type telescopen zonder zenitprisma!) :

  • Verplaatst de ster zich naar boven (zuiden) in uw kruisdraadoculair, draai dan aan de azimut regelknoppen van uw montering zodat de ster zich naar rechts verplaatst in uw oculair.  Met de knoppen van uw handcontroller centreert u vervolgens de ster  in het kruisdraadoculair.
  • Verplaatst de ster zich naar beneden (noord) in uw kruisdraadoculair, draai dan de azimut regelknoppen zodat de ster zich naar links verplaatst in uw oculair.  Met de knoppen van uw handcontroller centreert u vervolgens de ster  in het kruisdraadoculair.

Azimutale uitlijning via de boutenAzimutale uitlijning is op het eerste zicht dus om gek van te worden.  U hebt de neiging om de montering naar onder bij te stellen wanneer de ster naar boven beweegt maar dat is uiteraard totaal verkeerd !

  • Dus: ster beweegt zuidelijk, azimut knop draaien zodat de ster naar rechts beweegt
  • De ster beweegt noordelijk, azimut knop draaien zodat de ster naar links beweegt

Herhaal nu deze procedure tot u de ster, gedurende zo’n 10-tal minuten, niet meer ziet bewegen in uw oculair.  Wees niet bang om een goeie draai aan die azimutknoppen te geven.  De afwijking is meestal groter dan uw denkt.  Is de ster uit het beeldveld verdwenen, breng hem gewoon terug met de RA-knoppen op uw Synscan handcontroller.

Heb u een Newton telescoop (met de focuser vóór de montering) dan moet het precies andersom.

  • Ster beweegt naar het zuiden = ster corrigeren naar links
  • Ster beweegt naar het noorden = ster corrigeren naar rechts.

Stap 5 : afregelen van de altitude

Uw montering kan ook te veel naar het noorden of naar het zuiden van de noordelijke hemelpool wijzen, de poolas van de montering kan iets te hoog of te laag staan.  Dit merkt u wanneer u een ster in het oosten of het westen waarneemt en deze niet mooi gecentreerd blijft.  Deze fouten krijgt u dus omdat de hoogte (ALT) van de poolas niet accuraat werd uitgelijnd.

Om de Drift alignment uit te voeren zoekt u deze keer een ster in het oosten, op ongeveer 20° boven de oostelijke horizon.  Zoek geen ster die te laag staat want door atmosferische storingen zal die ster nooit mooi gecentreerd blijven.  Centreer de ster in het midden van uw verlicht kruisdraadoculair en draai het oculair zodat ook deze keer de heldere ster tussen (of net naast, of net op) de kruislijnen beweegt wanneer u (met de RA-knoppen van de handcontroller) de montering heen en weer zwenkt.  Hebt u geen vrij zicht op het oosten dan mag ook een ster uit het westen worden gekozen maar dan dient u de uitlijning uiteraard net andersom uit te voeren.

Volg en controleer opnieuw (10 minuutjes):  net zoals in stap 4 moet u er goed opletten dat een beweging in rechte klimming (RA, Azimuth) niet wordt verward met een beweging in declinatie (DEC).  Ook nu zullen we ons enkel maar concentreren op de noord-zuid drift van de ster en dus niet op een mogelijke RA-drift die u kan zien bij minder nauwkeurige aandrijvingen.

Bekijk de ster en hou deze gecentreerd met de RA-knoppen (oost-west) om een eventuele periodieke fout op te heffen.  Maak nog GEEN declinale correcties!  U bent enkel aan ‘t controleren.

De altitude uitlijnen is eenvoudig.We beginnen nu dus met het wegwerken van een fout in de hoogte uitlijning van de poolas.Ziet u de ster na verloop van tijd een driften in declinatie dan betekent dit dus dat de poolas uitlijning in de hoogte niet correct is.Ziet u de ster naar boven of naar beneden bewegen, draai dan de altitude knop van de telescoopmontering gewoon naar beneden of naar boven tot de ster weer gecentreerd is.

Zo simpel is het deze keer!

Blijf dit herhalen tot de ster niet meer beweegt en deze mooi gecentreerd staat in uw kruisdraadoculair.  Hoe sneller de ster beweegt, hoe meer u de altitudeknop moet verdraaien.  Als u dit enkele keren hebt gedaan zal u op den duur ‘voelen’ hoeveel u de knop moet draaien om de uitlijning correct te krijgen.

Stap 6: herhalen

U kan het ganse proces nog enkele keren herhalen om de uitlijning echt heel fijn af te regelen.  Wanneer u ziet dat een ster zich gedurende zo’n 10-tal minuten niet meer verplaatst, dan is de polaire uitlijning heel precies uitgevoerd.  Zet nu gerust een fototoestel op uw telescoop om haarscherpe foto’s te maken (tenzij de telescoopmontering nog een grote periodieke fout vertoond door vervormde wormwielen).

Hierna volgt een leuk stukje theorie indien u echt het fijne wil weten van deze techniek.
En met de simulator kan u flink wat oefenen, zo wordt u misschien ‘Master in Drift Aligment’.

Hoe werkt drift alignment?

De Driftmethode wordt door duizenden amateur-astrofotografen en astronomen gebruikt en is de beste manier om een montering polair uit te lijnen.  De werkwijze lijkt echter nogal vreemd omdat u links-rechts moet bijsturen om de hoog-laag regeling bij te stellen.  Om het allemaal wat begrijpelijker te maken vindt u hieronder een uitgebreide uitleg en een heel handige simulator om dat uitlijnen wat te oefenen.

Laten we eens gewoon naar de hemel kijken vanaf uw telescoopmontering.
Een volgster en eigenlijk de ganse hemel, draait in een perfecte cirkel rond de noordelijke hemelpool (NCP).Indien uw telescoopmontering haarfijn is gealigneerd met de poolas blijft de volgster mooi gecentreerd en binnen de kruisdraden lijnen van het oculair.Bekijk even de animatie hiernaast.  Deze toont onze volgster, keurig gecentreerd tussen de lijntjes van het kruisdraadoculair.
De blauwe cirkel is het pad die de ster langs de hemel aflegt, met de hemelpool in het midden.

Uw kruisdraadoculair, gemonteerd op uw telescoop en dus aangedreven door de telescoopmontering, draait keurig rond de rechteklimmingas, synchroon aan dezelfde snelheid als de rotatiesnelheid van de aarde.  Dit zorgt er voor dat de volgster mooi gecentreerd blijft in het midden van uw kruisdraadoculair.  Een volledige omwenteling duurt 24 uur.

Er is wel een kleine sterbeweging te zien maar die wordt veroorzaakt door de periodieke fout van de wormwielen. Monteringen met een PEC (Periodic Error Correction) kunnen deze fout automatisch wegwerken. De herhalende beweging die u in deze animatie ziet duurt eigenlijk enkele uren, waarschijnlijk veel meer dan u ooit zal gebruiken om te volgen of te fotograferen maar het toont in deze animatie vooral aan dat de volgster keurig gecentreerd blijft.

Laat ons nu eens kijken wat er gebeurt wanneer uw telescoopmontering niet correct is uitgelijnd op die befaamde NCP.
Als onze telescoop poolas een klein beetje afwijkt van de ware hemelpool dan maakt ons oculair nog steeds een mooie cirkelbeweging (blauw) maar die is een eind verschoven t.o.v. de werkelijke baan van de ster rond de pool (grijs).In ons voorbeeld hiernaast staat de rechteklimmingas te oostelijk (rechts) gericht van de NCP.  De telescoop zelf is naar onze volgster gericht op het knooppunt van de meridiaan en de evenaar (zuidelijk).Zowel hemel als telescoop draaien aan dezelfde snelheid rond waarbij we starten vanaf die gecentreerde volgster in ons kruisdraadoculair.

imageZoals u kan zien in het oculair, beweegt de ster zich ogenschijnlijk omhoog terwijl de aarde verder draait en de telescoop zich in RA richting (naar het westen) beweegt.

Maar eigenlijk is het de telescoop zelf die zich te veel naar beneden beweegt t.o.v. de baan die de sterren afleggen.  Gezien door ons oculair en vanuit ons perspectief, lijkt het echter alsof de ster die we volgen zich naar boven beweegt.
Dit is het gevolg van onze gekantelde telescoop op de equatoriale of parallactische montering.

Deze op het eerste zicht onlogische beweging is ook wat u ziet wanneer u de telescoop uitlijnt met de Drift Alignment methode.

Conclusie: indien de polaire uitlijning te oostelijk is dan zal de volgster op het kruispunt meridiaan/evenaar zich naar boven bewegen in uw oculair.
Daarom dus dat u enkel met de RA-azimut knoppen, de montering westwaarts mag corrigeren.

Wat gebeurt er nu wanneer we naar de oostelijke hemel kijken in plaats van naar de zuidelijke meridiaan/evenaar kruising?
Dan zal u dus die RA-fout niet zien!
U ziet gewoon geen oost-west fout wanneer u enkel naar het oosten of naar het westen kijkt.
Kijk maar eens goed naar de animatie hiernaast. De montering staat nog steeds teveel oostelijk van de NCP gericht maar is declinaal wel perfect gealigneerd.
Indien u naar een ster aan de westelijke of oostelijke horizon kijkt zal u geen fout in de uitlijning zien, al kijkt u uren lang naar die ster.
De montering volgt heel precies met een bijna onmerkbare drift naar boven of naar onder.

Daarom is het zo belangrijk om de azimutale (oost-west) afregeling uit te voeren met de telescoop naar het zuiden gericht (knooppunt meridiaan/evenaar). Diezelfde logica houdt ook stand wanneer uw montering boven of onder de NCP is gericht.  Hier moet u een oostelijke of westelijke ster uitkiezen, zo’n 20° boven de horizon om de uitlijningsfout op te sporen en te corrigeren.  Fouten in de hoogte kan u dus ook niet zien aan het zuidelijke knooppunt van de meridiaan/evenaar.

Hiernaast ziet u een demo van een bewegende montering.  Zoals reeds eerder aangehaald in deze tutorial kan u gewoon de volgster bekijken en hem een bepaalde richting geven waardoor u zeker bent dat u de juiste afstelling uitvoert.
In de animatie ziet u hoe dit in zijn werk gaat.
Dit is dezelfde oostelijke uitlijningsfout zoals hierboven uitgelegd.  Herinner u de vreemde logica waarbij u de montering naar rechts moet corrigeren wanneer de volgster naar boven schuift (bij een refractor of bij een SCT!).
Klik op de afbeelding om de animatie te starten en kijk goed naar de volgster wanneer de montering westwaarts wordt gecorrigeerd.

Om de techniek goed onder de knie te krijgen kan u wat trainen met de onderstaande simulator

Drift Alignment Simulator

(Klik hierboven op de afbeelding om de simulator te starten)

Handcontroller Handcontroller:
De handcontroller laat u toe om de telescoop te zwenken in zowel rechte klimming (RA) als declinatie (DEC), volgcorrecties te maken, de volgsnelheid aan te passen en de periodieke fout correctie (PEC) aan of uit te zetten. Het display toont welke volgsnelheid werd ingesteld.
Verlicht kruisdraadoculair Verlicht kruisdraadoculair:
Het verlicht kruisdraadoculair heeft twee dubbele kruisdraden die via een led worden verlicht.  Hierdoor blijven de draden zichtbaar tegen de zwarte achtergrond van de hemel. Met twee knoppen op de schakelkast (zie hieronder), kan het oculair worden gedraaid om de ster parallel met een kruisdraad te laten bewegen.
Voedingsblok Voedingsblok:
Het voedingsblok zet de stroom aan zodat u de telescoop kan besturen en waardoor de telescoop ook de sterren siderisch volgt.
Er is ook voorzien in een RESET knop.  Deze is heel handig wanneer u helemaal het ‘noorden kwijt bent’ in de uitlijning. Een druk hierop en u kan weer herbeginnen met de afregeling.
Het tandwieltje aan de rechterkant toont gewoon dat de RA tracking van de telescoop werkt.
Schakelkast Schakelkast:
Deze schakelkast heeft een Polar Viewer, gericht naar de NCP.
Zo kan u steeds de noordelijke hemelpool (NCP) zien ten opzichte van de foutieve uitlijning (beetje vals spelen!).
Hier vindt u ook de knoppen om de kruisdraadoculair te verdraaien, om een refractor of Newton telescoop te kiezen, om de montering bij te stellen in azimut en altitude en om de telescoop naar het zuiden of naar het oosten te zwenken.

Daar gaan we…

Start onze simulator door er op te klikken. Meteen ziet u sterren bewegen door het oculair.  Er zijn genoeg sterren dus u hebt alle tijd om rustig te starten met de simulator.

Het eerste wat u moet doen is de montering opstarten met de Power knop.  Deze knop vindt u links.  Wanneer de knop wordt ingedrukt begint de montering te volgen in rechte klimming (RK of RA).

Deze gesimuleerde equatoriale opstelling heeft, bij elke start, een willekeurige poolasuitlijning.  De poolas van de montering wijst naar de noordelijke hemelpool maar de uitlijning laat dus een beetje te wensen over.  Er zit dus heel wat declinale en azimutale afwijking op de montering, meer dan genoeg om geen enkele mooie astrofoto te maken Emoticon die tong uitsteekt.
Aan u om die telescoopmontering straks goed uitgelijnd te krijgen.

De Periodieke Fout Correctie is uitgeschakeld waardoor u een kleine RA drift zal zien.  Wanneer uw montering geen PEC heeft, laat die foutcorrectie ook gewoon uit.  Om de automatisch periodieke foutcorrectie aan te zetten klikt u gewoon op de knop “PEC” van de handcontroller.

De simulator start met onze telescoop gericht naar het knooppunt meridiaan/evenaar.  Dat is de beste locatie om de drift alignment procedure te starten.  Later zal u ook de montering naar het oosten kunnen richten om de altitude correct te krijgen. Druk op een cijferknop [1] … [9] van de handcontroller om de ‘slew rate’ in te stellen van traag naar snel.  U kan wat met de knopjes van de handcontroller spelen om te voelen hoe de montering reageert op boven/onder en links/rechts commando’s.
Met die LEFT, RIGHT, UP en DOWN zwenktoetsen beweegt u de telescoop naar een geschikte volgster.  Het verlichte kruisdraadoculair dient wel vrij snel uitgelijnd te worden met de East/West knoppen van de montering.  Om het oculair te draaien hebt u twee pijltjestoetsen ‘Rotate Eyepiece’ ter beschikking.  Plaats de volgster snel naar links of rechts  met de zwenktoetsen en draai daarbij het kruisdraadoculair tot de ster parallel loopt met de verlichte lijnen van het oculair.  De ster zal intussen ook naar boven of naar onder glijden maar dit mag u voorlopig negeren.
(Bedenk dat u steeds kan Resetten, iets wat u in het begin misschien zal nodig hebben.)

Door gebruik te maken van een lagere snelheid, plaatst u de volgster langs een kruislijn en mooi in het midden van uw oculair.  Indien u als snelheid 1 kiest (1 is gelijk aan de normale volgsnelheid van de montering) dan verdubbelt u dus de zwenksnelheid wanneer de montering vooruit gaat of stopt deze indien u terug keert.  De gemakkelijkste manier om met die snelheden te werken is door eerst een hoge snelheid te kiezen om de volgster zo dicht mogelijk bij het centrum te krijgen waarna u de snelheid wat vermindert als u start met de correcties.

U zal ook merken dat de volgster zich verplaatst vanaf uw gekozen lijn.  Dit is het gevolg van de RA-periodieke fout van de wormwielen.  Dit zal zich dus uiten in een oost-west beweging.  Ook zal er een beweging naar het noorden of zuiden zijn, een gevolg van de slechte poolasuitlijning die u dus nog moet corrigeren.

Elke oost-west beweging mag u corrigeren met de RA-zwenktoetsen maar u mag onder geen beding de declinatie corrigeren met de DEC-zwenktoetsen.  Onthoud wel in welke declinale richting de ster beweegt (naar boven of naar onder).

Nu is het dus tijd om de RA-fouten te corrigeren omdat onze montering te veel naar het oosten (rechts) of naar het westen (links) wijst.  Op onze gesimuleerde montering moet u natuurlijk weten hoe u die RA (azimut) bijstelt.  Op uw montering thuis is dat met 2 lange bouten, op onze montering gebeurt dit door te drukken op de knoppen W (West) en E (East) van de schakelkast (of telescoopbediening), net boven de tekst ‘Azimuth’.  Door op een knop te drukken beweegt de, naar het noorden gerichte montering, naar het westen (links) of naar het oosten (rechts).  Doordat de telescoop echter naar het zuiden wijst, lijkt het alsof die beweging omgekeerd wordt uitgevoerd.

Terwijl u dus naar de declinale (DEC) drift kijkt (enkel kijken, niet bijregelen !) doet u het volgende:

  • beweegt de volgster naar boven, dan draait u de RA-knop zodat de volgster in het oculair naar rechts schuift.
  • beweegt de volgster naar beneden, zwenk dan de montering zodat de ster naar links verschuift.

Waarom dit zo moet werd eerder al uitvoerig uitgelegd in de tutorial.  Gebruik in deze simulator dus enkel de E en W azimut knoppen van de schakelkast en absoluut niet de RA-knoppen van de handcontroller!  Op uw montering thuis draait u dus ook aan de regelbouten om de montering manueel te corrigeren.
Hoe sneller de ster naar boven of naar onder schuift, hoe groter de azimutale correctie moet zijn die u uitvoert.  Wanneer de ster snel beweegt komt dit doordat de telescoopmontering vrij ver naast de poolas wijst.  Zo ver soms dat de volgster uit het oculairbeeldveld verdwijnt maar … geen erg!  Als dit gebeurt neemt u gewoon een andere ster die net passeert.

Herhaal deze stap door de DEC beweging van de volgster lang te controleren waarbij u telkens opnieuw de nodige azimutale bijstelling uitvoert tot de ster uiteindelijk niet meer naar boven of naar onder verschuift.  Wilt u foto’s lang belichtingen dan moet die ster mooi gecentreerd blijven gedurende minstens 5 minuten.  Blijft de ster zolang staan dan kan u overgaan naar de volgende stap om de altitude te corrigeren.

Altitude bijregelen

De altitude bijregelen is heel simpel.  Veel simpeler en logischer dan de azimut, echt een koud kunstje die je zo voor elkaar hebt.
De montering kan dus te hoog of te laag staan t.o.v. de hemelpool.  Anders gezegd: te noordelijk of te zuidelijk van de NCP.

Uw montering thuis moet eerst over zijn RA-as gedraaid worden zodat de telescoop naar het oosten of het westen wijst.  Verander niets aan de hoogte, enkel de RA positie.  Op onze simulator moet u enkel klikken op ‘Eastern horizon’ en daarna bevestigen door een klikje op ‘Yes’.  De simulator toont nu de sterren op zo’n 20° boven de oostelijk horizon.

Opnieuw moet het verlichte kruisdraadoculair worden gealigneerd zodat elke oost of west beweging de gekozen volgster precies op, of parallel met, een kruisdraad laat bewegen.  Precies hetzelfde zoals u in de vorige afregeling hebt gedaan.

Kijk opnieuw of de volgster omhoog of omlaag beweegt.  Thuis kan dit een minuutje of tien duren.  Met de simulator gaat dit gelukkig een stuk sneller.  Met de RA-knoppen van de handcontroller kan u de ster in het centrum houden maar doe zeker geen enkele declinale correctie.

  • Beweegt de ster zich omhoog, draai de altitude knop van de montering naar beneden (zuid).
  • Beweegt de volgster zich naar beneden, draai dan de altitudeknop naar boven (noord).
    Bij onze simulator zijn dit de N en S knoppen op het schakelkastje.

Blijf hiermee doorgaan tot de ster geen enkele declinale drift meer vertoond en hij perfect gecentreerd blijft in het oculair.

Herhaal het volledige proces nog enkele keren door terug te gaan naar het meridiaan/evenaar knooppunt en daar de RA-afwijking te controleren en bij te stellen om vervolgens de afregeling aan de oostzijde (of westzijde) uit te voeren.

Deze methode zorgt ervoor dat de montering met een heel hoge precisie wordt uitgelijnd op de noordelijke hemelpool.  Beter kan het echt niet meer.  Het zorgt er ook voor dat u uw foto’s nu heel lang kan belichten zonder streepvormige sterren te krijgen.

Met onze simulator kunnen we tenslotte nog controleren of de uitlijnen goed is uitgevoerd.  Druk hiervoor op het kleine rondje, linksboven op het schakelkastje.  U ziet nu de NCP die, wanneer alles prima is uitgevoerd, pal in het midden van de twee kruisdraden moet staan.  Proficiat !

PS: hebt u nog aanmerkingen of aanvullingen op bovenstaande tekst, laat zeker horen van u.

Veel succes bij jullie waarnemingen en vooral veel clear skies !

Siegfried Geryl, Veurne 2015

X